Resultaten eerste jaar Passagiersinformatie-eenheid Nederland

De Passagiersinformatie-eenheid Nederland (Pi-NL) is in juni 2019 van start gegaan. In het eerste jaar zijn de gegevens van ruim 3.000 personen doorgegeven aan bevoegde instanties zoals de politie en de Koninklijke Marechaussee. Deze personen kwamen voor op een internationale signaleringslijst.

Vliegtuig in de lucht
©NCTV

Ongeveer 60% van de aangetroffen personen bevond zich op een vlucht binnen Europa. Verder zijn 2.000 verzoeken om informatie van nationale instanties verwerkt. Van buitenlandse instanties zijn bijna 150 verzoeken om informatie ontvangen. Het gaat in het overgrote deel van deze zaken om ernstige criminaliteit, zoals drugshandel en witwassen. In sommige gevallen heeft een melding direct geleid tot een aanhouding. In veel andere gevallen komt de melding in het dossier van een lopend strafrechtelijk onderzoek. Omdat de meeste van deze meldingen deel uit maken van dossiers van lopende onderzoeken, kunnen de meldingen niet verder worden gespecificeerd.

Luchtvaartmaatschappijen zijn verplicht gegevens door te geven aan de Pi-NL. Daar worden alle gegevens vervolgens zowel automatisch als handmatig gecheckt. Alleen de gegevens van personen die in verband kunnen worden gebracht met ernstige criminaliteit of terrorisme worden bekend bij de relevante instanties.

Voorbeeld

Een voorbeeld: een persoon die staat gesignaleerd op een internationale opsporingslijst vliegt naar Nederland. Voordat de vlucht vertrekt, moet de luchtvaartmaatschappij de passagiersgegevens doorgeven aan de Pi-NL. Die ziet dat de betreffende persoon gezocht wordt en geeft - na een grondige dubbelcheck - de ontvangen gegevens door aan bijvoorbeeld de Koninklijke Marechaussee. De KMar kan de gezochte persoon vervolgens na de landing aanhouden. Passagiers die níet gezocht worden of gesignaleerd staan, blijven niet achter in het digitale filter en worden dus ook niet bekend bij opsporingsinstanties.

Pi-NL

De eenheid heeft zelf geen opsporingsbevoegdheid maar geeft wel meer zicht op reisbewegingen en draagt zo bij aan voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen van ernstige criminaliteit en terroristische misdrijven. Europese wet- en regelgeving verplicht iedere lidstaat een dergelijke passagiersinformatie-eenheid te hebben. Bevoegde instanties kunnen een informatieverzoek in het kader van opsporing nu rechtstreeks bij de Pi-NL doen. Dit verhoogt de pakkans van personen die zijn betrokken bij een terroristisch of ernstig misdrijf. Daarbij zorgt dit voor minder administratieve belasting bij de bevoegde instanties, die hoeven niet meer bij alle luchtvaartmaatschappijen langs met de vraag of een gezochte persoon bij hen op een vlucht zit.

Bezoek minister Grapperhaus

De minister van Justitie en Veiligheid, Ferd Grapperhaus, heeft een werkbezoek gebracht aan de Passagiersinformatie-eenheid Nederland (Pi-NL) op Schiphol. Tijdens het werkbezoek is minister Grapperhaus bijgepraat over de werkwijze en successen van de Pi-NL. Grapperhaus was zeer onder de indruk van het werk dat verzet wordt door de eenheid en de Koninklijke Marechaussee.