Netwerken, aanslagplegers en internationale ontwikkelingen

In de publieke ruimte vertonen de Nederlandse jihadistische netwerken sinds de tweede helft van 2015 relatief weinig zichtbare activiteiten. Als groep heeft de Nederlandse jihadistische beweging een betrekkelijk lage organisatiegraad en weinig hiërarchie. Duidelijk is dat vaak vriendengroepen of familierelaties een rol spelen. Veel contacten verlopen via internet, met name sociale media. Het beeld is dat alle jihadisten in Nederland wel op de een of andere manier, rechtstreeks of indirect, met elkaar verbonden zijn.

(Deze tekst is onderdeel van Samenvatting DTN 45)

De geweldsbereidheid van jihadisten in Nederland geeft een dubbel beeld. Enerzijds tonen arrestaties en onderzoek aan dat er jihadisten in Nederland zijn die bereid zijn geweld toe te passen. Een aantal jihadisten in Nederland, onder wie terugkeerders, staat te boek als ‘gevaarlijk’. Op deze personen zijn controlerende maatregelen genomen.

Anderzijds valt op dat ondanks de uitgesproken overtuiging dat aanslagen legitiem en zelfs noodzakelijk zijn, de meerderheid van de Nederlandse jihadisten tot op heden geen stappen onderneemt om zelf tot geweld over te gaan. Wel kan de terugkeer uit Syrië van ervaren, geharde jihadisten, deze dynamiek veranderen. Ook van de overgrote meerderheid van de in Nederland onderkende volgelingen van de Saoedische geleerde Ahmed Umar al-Hazimi, waarvan bekend is dat zij sneller overgaan tot verkettering van andere moslims dan andere jihadisten, gaat op de korte termijn zeer waarschijnlijk geen terroristische dreiging uit. Het aantal volgelingen van al-Hazimi in Nederland wordt geschat op enkele tientallen personen.

Naarmate ISIS in Syrië en Irak meer onder druk komt te staan, lijkt het steeds meer voor de hand te liggen dat ISIS ook vrouwen voor aanslagen in Europa wil gaan inzetten. In het afgelopen jaar waren er al enkele (pogingen tot) aanslagen buiten Syrië en Irak waarbij vrouwen betrokken waren. Enkele van deze vrouwen zouden nauwe banden hebben met en/of aangestuurd zijn door ISIS-leden. Naast een mogelijke dreiging vanuit vrouwelijke jihadisten is in de afgelopen maanden wederom gebleken dat een enkele minderjarige in het Westen zich liet inspireren door propaganda van ISIS, of aanwijzingen opvolgde van ISIS-strijders uit Syrië.