Natuurrampen

Klimaatverandering

Klimaatverandering is tastbaar geworden. Het leidt steeds vaker tot extreem weer, van heftige neerslag tot hoge temperaturen. In de zomer van 2018 waren er in Nederland zestig warme dagen achter elkaar en twee hittegolven. Naast extreem warm was het ook extreem zonnig en zeer droog. In totaal registreerden KNMI-meetstations 2090 zonuren tegen 1639 normaal. Met een gemiddelde van 11,3 °C was 2018 het vijfde zeer warme jaar op rij. Het was na 2014 het warmste jaar sinds het begin van de metingen. Dit beeld past in de trend van een opwarmend klimaat. Nederland zet in op klimaatadaptatie en klimaatmitigatie, door onder andere maatregelen te nemen gericht op CO2-reductie en op een klimaatbestendig grond- en oppervlaktewatersysteem, ruimtelijke inrichting en grondgebruik (zie ook Droogte).

Droogte

Naar aanleiding van de aanhoudende droogte in 2018 zal ingezet worden op meer structurele maatregelen gericht op een klimaatbestendig grond- en oppervlaktewatersysteem, ruimtelijke inrichting en grondgebruik. Het watersysteem, dat nu vooral gericht is op het zo snel mogelijk afvoeren van overtollig water, moet beter toegerust worden op het vasthouden en infiltreren van water. Op deze manier kan het grondwater tijdens neerslagoverschotten tijdig worden aangevuld. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat werkt samen met alle waterpartners aan deze opgave. Dat vergt inspanningen van:

  • Het Deltaprogramma Zoetwater voor de verdere uitwerking van waterbeschikbaarheid.
  • Het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie voor de nadere uitwerking van het thema droogte bij stresstesten en risico-dialogen.
  • Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit voor de beleidsinzet gericht op actieprogramma’s Klimaatadaptatie Landbouw en Natuur.
  • Gemeenten en waterbeheerders voor de uitvoering van stresstesten en het nemen van operationele maatregelen

De provincies hebben de regierol bij ruimtelijke borging van een klimaatrobuust watersysteem in de provinciale omgevingsvisies en de doorwerking daarvan naar het beleid van gemeenten en waterschappen.

Stijging waterpeil

Dat de zeespiegel de komende eeuw en ook daarna blijft stijgen is zeker. Onzeker is echter hoeveel en met welke snelheid dit zal gaan gebeuren. Dit hangt onder meer af van de emissies van broeikasgassen en dus ook van het internationale klimaatbeleid. Het Nederlandse beleid is er op gericht om de doelstellingen uit het Akkoord van Parijs te halen (maximaal 2°C wereldwijde temperatuurstijging). Er is nog veel onzekerheid over de toekomstige emissies en de opwarming en zeespiegelstijging die daarmee gepaard gaat. Vanwege de potentieel grote implicaties voor Nederland en daarmee ook voor het Deltaprogramma is daarom ook gekeken naar een extreme zeespiegelstijging die het gevolg kan zijn van een emissiescenario dat leidt tot 4°C wereldwijde temperatuurstijging.

De overheid wil voorkomen dat er weer een watersnoodramp gebeurt, zoals in 1953. Of dat de rivieren overstromen zoals in de jaren ’90. In het Deltaprogramma staan de plannen hiervoor. De doelen zijn:

  • Nederland nu en in de toekomst beschermen tegen overstromingen.
  • Zorgen voor voldoende zoetwater.
  • De inrichting van het land klimaatbestendig maken

Met het Deltaprogramma is Nederland in voldoende mate in staat de ontwikkelingen als gevolg van klimaatverandering en stijging van het waterpeil het hoofd te bieden.

Natuurbranden, aardbevingen, bodemdaling en zonnestormen

Alhoewel deze natuurrampen in Nederland voorkomen en de impact groot kan zijn (zonnestormen kunnen storingen veroorzaken en/of schade aanrichten aan onder andere communicatiesystemen, satellieten en de elektriciteitsvoorziening) wordt de waarschijnlijkheid als niet hoog ingeschat. Buiten de programma’s voor de aardbevingen in verband met de gaswinning zijn er geen aparte nationale programma’s voor deze natuurrampen, anders dan de gebruikelijke crisisvoorbereiding op lokaal, regionaal en nationaal niveau.