Salafistische invloeden op informeel onderwijs

Kinderen leren zich af te keren van andersdenkenden en van Nederland. Salafistische aanjagers onderwijzen stelselmatig onverdraagzaam, anti-integratief, antidemocratisch gedachtegoed in informeel onderwijs. Dit draagt bij aan polarisatie en kan bij kwetsbare personen op termijn leiden tot extremisme.

Salafistische invloeden op informeel onderwijs

Naar aanleiding van een passage in het jaarverslag van de AIVD over ‘radicale invloed binnen het onderwijs´ verrichtten NRC en Nieuwsuur onderzoek naar salafistische invloeden op informeel (buitenschools) en regulier onderwijs. In een uitzending van 10 september 2019 en rapportages over buitenschools onderwijs bevestigen NRC en Nieuwsuur een aantal zorgelijke elementen en ontwikkelingen die al langer door AIVD en NCTV zijn gesignaleerd. De meest zorgelijke ontwikkeling is dat salafistische aanjagers stelselmatig onverdraagzaam, anti-integratief en antidemocratisch gedachtegoed overdragen in het buitenschoolse religieuze onderwijs en daarmee onder kinderen en jeugd.

In de praktijk betekent dit dat een onbekend aantal Nederlandse kinderen van jongs af aan te horen krijgt dat een moslim zich dient ‘af te keren’ van of ‘haat’ dient te koesteren tegen niet-moslims, andersdenkende moslims, de Nederlandse samenleving en de democratische rechtsorde. Een wetenschappelijk rapport door het Verwey-Jonker Instituut bevestigde de bevindingen van NRC/Nieuwsuur wat betreft het buitenschoolse onderwijs in de Utrechtse salafistische organisatie al Fitrah. AIVD en NCTV signaleerden eerder dat deze salafistische dogma’s, indien actief uitgedragen onder kinderen en jongeren, op termijn kunnen leiden tot radicalisering. Vanuit dit perspectief schatten AIVD en NCTV de activiteiten van salafistische aanjagers in als dreiging tegen de democratische rechtsorde en daarmee als een dreiging voor de nationale veiligheid.

Vanuit ditzelfde veiligheidsperspectief hebben AIVD en NCTV – elk met een eigen verantwoordelijkheid – eerder dit jaar de situatie op het Cornelius Haga Lyceum (CHL) aangekaart omdat daar een samengaan van salafistische aanjagers werd geconstateerd en deze aanjagers de intentie hebben om kinderen op vergelijkbare manier onder invloed van de salafistische doctrine te brengen. Het verschil met de NRC/Nieuwsuur-bevindingen over buitenschools onderwijs is dat het bij het CHL gaat om door de overheid bekostigd onderwijs, waardoor de overheid ook de plicht heeft in te grijpen bij mogelijke misstanden. Formeel valt het buitenschoolse koranonderwijs niet onder auspiciën van de overheid.

Salafistische aanjagers in Nederland

In Nederland zijn naar schatting enkele tientallen salafistische aanjagers actief die om hiernavolgende redenen een relatief grote invloed uitoefenen. De aanjagers maken gebruik van een salafistisch netwerk van religieuze instellingen dat het religieuze aanbod online en vaak ook offline domineert. Deze infrastructuur is door met name een aantal Syrische Nederlanders gedurende enkele decennia opgebouwd. NRC/Nieuwsuur signaleerden in hun onderzoek bijvoorbeeld de prominente rol van de Syrische Nederlander Ahmed Salam in Tilburg en zijn zoon Suhaib die actief is in Utrecht.

Salafistische aanjagers in Nederland oefenen ook om andere redenen invloed uit. Een aantal heeft een religieuze opleiding genoten in Medina (Saoedi-Arabië), spreekt Arabisch en geniet daarmee religieuze autoriteit bij een deel van de Nederlandse moslims. Het merendeel van de aanjagers is in Nederland opgegroeid, heeft Nederlands onderwijs gevolgd en spreekt vloeiend Nederlands. Door een gemeenschappelijke achtergrond kunnen deze meertalige maar in Nederland gewortelde aanjagers gemakkelijk verbinding leggen met jonge Nederlandse moslims, schijnbaar makkelijker dan een generatie oudere imams en moskeebestuurders. Ogenschijnlijk zijn deze aanjagers daarmee het toonbeeld van integratie en assimilatie. Zoals echter ook bleek uit het onderzoek van NRC en Nieuwsuur is hun strategie, agenda en boodschap buitengewoon strijdig met de basiswaarden van de Nederlandse democratische rechtsorde.

Binnen de soennitische islam geldt het contemporaine salafisme nog steeds als een betrekkelijke kleine en radicale afsplitsing. In aantallen zijn er nog steeds weinig aanhangers van salafistische doctrine, ook in Nederland. Maar zoals ook is gebleken uit het NRC/Nieuwsuur onderzoek (uitzending en rapportage van 10 september 2019) is de invloed van de salafistische doctrine veel groter dan de aantallen doen vermoeden. De onevenredig grote reikwijdte van het salafisme in Nederland kan vooral verklaard worden door de rol en activiteiten van de aanjagers in Nederland. 

Deze tekst is onderdeel van DTN 51.