Jihadistische beweging Nederland

De jihadistische beweging heeft de intentie om geweld te plegen. Door inspanningen van inlichtingen- en veiligheidsdiensten kan dat in de meeste gevallen worden voorkomen. Van uitreizigers en potentiële (vrouwelijke) terugkeerders kan ook een geweldsdreiging uitgaan.

Typering jihadistische beweging in Nederland

Het beeld van de jihadistische beweging in Nederland is in de afgelopen periode niet veranderd. De beweging bestaat uit ruim vijfhonderd personen die het jihadi-salafisme aanhangen. Er is sprake van stagnatie wat betreft de omvang. De beweging bestaat uit meerdere netwerken en individuen zonder hiërarchie maar die wel deels met elkaar in verband staan. Een aantal netwerken bestaat in wisselende samenstelling al langer dan een decennium en is via onder andere vriendschappen, sociale activiteiten en huwelijken met elkaar verbonden. Die netwerken bevinden zich hoofdzakelijk, maar niet uitsluitend, in het westen van Nederland. Gezamenlijk worden zij tot de hoofdstroom van het jihadisme gerekend. Een belangrijk deel van de jihadistische initiatieven in Nederland, zoals op het gebied van propagandavervaardiging en –verspreiding, netwerk-overstijgende sociale activiteiten, (in het verleden) uitreizen naar strijdgebieden, geldinzamelingen et cetera komt voort uit deze hoofdstroom.

De jihadistische beweging manifesteert zich al jaren niet of nauwelijks in de openbare ruimte. Er zijn weinig leiders en aanjagers. Er worden relatief weinig netwerk-overstijgende bijeenkomsten en activiteiten georganiseerd. Dit komt onder andere doordat de Nederlandse jihadisten, zoals ook beschreven in DTN51, last hebben van repressieve overheidsmaatregelen. Die tasten het organisatievermogen en de daadkracht aan. Dit betekent echter niet dat er geen dreiging van de beweging uitgaat.

Uitreizigers en terugkeerders

In totaal bevinden zich nog ongeveer 145 uitreizigers uit Nederland in Syrië en omringende landen als Turkije. Circa vijftig volwassen en negentig kinderen zitten in opvangkampen of in detentie in Noordoost-Syrië. Ongeveer 30 personen zijn nog aangesloten bij jihadistische groeperingen in Noordwest-Syrië. Mogelijke terugkeerders naar Nederland, die in het strijdgebied training, gewelds- en gevechtservaring bij terroristische groepen hebben opgedaan, vormen een potentiële geweldsdreiging. Ook kunnen terugkeerders, onder wie vrouwen, een inspirerende rol in de Nederlandse jihadistische beweging innemen.

Potentiële dreiging van terugkeerders door ervaringen strijdgebied

Uit verschillende onderzoeken naar aanslagplegers uit de afgelopen jaren blijkt dat de meeste jihadistische aanslagen in Europa zijn gepleegd door personen die nooit zijn uitgereisd, noch daartoe de intentie hadden. Een deel van de aanslagen werd gepleegd door zogenaamde ‘gefrustreerde uitreizigers’: personen waarvan is voorkomen dat zij het strijdgebied in Syrië en Irak bereikten. Ook is er in Europees verband (Nederland is een van de uitzonderingen) een klein aantal incidenten met personen die zijn geradicaliseerd in de gevangenis. Potentiële terugkeerders uit strijdgebieden hebben echter veel strijdervaring opgedaan in de lange periode dat zij bij terroristische groepen verbleven. Daar hebben de mannen vaak excessief geweld meegemaakt en zijn ze onderwezen in de jihadistische geweldsideologie. Ze hebben waarschijnlijk ervaring met wapens en explosieven opgedaan.

Ook van teruggekeerde vrouwen uit dit gebied gaat een potentiële geweldsdreiging uit. Er zijn enkele gevallen bekend van vrouwen die betrokken waren bij aanslagdreiging in Europa. Daarnaast gaat er een dreiging uit van vrouwen in jihadistische netwerken. Zo kunnen zij ondersteunende taken verrichten, hun kinderen met jihadistisch gedachtegoed indoctrineren, geld inzamelen ten behoeve van de jihadistische strijd en propaganda produceren en verspreiden. Ook zullen zij door in strijdgebied ontstane familie- en vriendenbanden deel uitmaken van transnationale netwerken, zowel met personen in als buiten Europa.

Ontwikkelingen in detentie

Het Nederlandse systeem van geconcentreerde terroristendetentie voorkomt dat jihadisten andere gedetineerden kunnen radicaliseren. Een keerzijde van gezamenlijke detentie is dat jihadisten elkaar onderling negatief kunnen beïnvloeden en nieuwe netwerken kunnen vormen. Door de hoge instroom van gedetineerden (een bezetting van 30-40 in de afgelopen jaren) staat het systeem onder druk. Het wordt voor de staf steeds moeilijker ieder individu te monitoren en ongewenste netwerkvorming te detecteren.

Deze tekst is onderdeel van DTN 52.