Dreigingsniveau blijft op 3

Het dreigingsniveau blijft ‘aanzienlijk’ (niveau 3 van 5). Dat betekent dat een terroristische aanslag in Nederland voorstelbaar is, maar dat er geen concrete aanwijzingen voor een aanslag zijn.

Jihadistische beweging Nederland 

De jihadistische beweging in Nederland is de laatste twee jaar grotendeels naar binnen gekeerd. De afgelopen jaren zijn er steeds minder publieke uitingen van jihadistisch gedachtegoed te zien, zowel fysiek als online. De meeste jihadisten in Nederland maken deel uit van fysieke netwerken. Online is er een kleine groep die, los van fysieke netwerken, radicaliseert. Zij vinden hun inspiratie in de propaganda van ISIS, dat haar aanhangers via officiële en niet-officiële mediakanalen blijft oproepen om zelfstandig aanslagen te plegen.

Jihadisme internationaal

De dreiging vanuit de jihadistische beweging in Europa is al langere tijd relatief stabiel. De dreiging in Europa komt vooral voort uit alleenhandelende daders en kleine groepen of cellen, die organisatorisch los staan van ISIS, maar wel door (het gedachtegoed van) de organisatie worden geïnspireerd. Veelal worden relatief eenvoudige aanslagmiddelen gebruikt. Het aantal jihadistische aanslagen in Europa was in 2021 significant lager dan in 2020: respectievelijk vijf versus zestien. 

ISIS en al Qa’ida hebben nog altijd de intentie vanuit hun kerngebieden in het Midden-Oosten aanslagen in Europa te plegen, maar het is twijfelachtig of ze daar momenteel de capaciteiten voor hebben. Wel is ISIS door de dood van diens leider Al-Qurayshi, als gevolg van een Amerikaanse militaire actie, opnieuw een slag toegebracht. Begin maart werd door ISIS de nieuwe leider gepresenteerd, over wie nog weinig bekend is. 

Jihadistische activiteiten in Afghanistan en in Afrika hebben hoofdzakelijk een regionale impact, waarbij wel westerse doelwitten in de regio geraakt kunnen worden. Vooralsnog zijn ze niet gericht op het plegen van aanslagen in het Westen. 

Rechts-extremisme

Binnen het rechts-extremisme is het accelerationisme de stroming waar de meeste geweldsdreiging vanuit gaat. Enkele honderden Nederlandse accelerationisten zijn online in beeld gekomen; van enkelen kan dreiging uitgaan. Op diverse online netwerken van deze stroming blijkt een fascinatie voor wapens te bestaan. Er bestaan daarbij zorgen dat individuen met deze ideologische achtergrond zich bij de krijgsmacht of bij een schietvereniging willen aanmelden om zo ervaring op te doen met het gebruik van wapens. De oorlog in Oekraïne kan aantrekkingskracht uitoefenen op Nederlandse rechts-extremisten, maar vooralsnog lijkt er bij rechts-extremisten weinig animo te zijn om te vertrekken naar Oekraïne en zich aan te sluiten bij rechts-extremistische groepen aan Oekraïense of Russische zijde.

Anti-overheidsextremisme

In Nederland kwam het ongenoegen over de coronamaatregelen voornamelijk tot uitdrukking door activiteiten van een activistische bovenlaag en een radicale onderstroom. Personen binnen de radicale onderstroom kunnen zich gehoord en in hun radicale gedrag gelegitimeerd voelen door uitlatingen van verschillende personen in het publieke domein, onder wie enkelen die binnen het politieke discours een geradicaliseerd COVID-19-narratief met daarin veel complottheorieën bezigen. Virologen maken duidelijk dat het risico van nieuwe coronavarianten niet is geweken, waardoor acties uit de radicale onderstroom na eventueel nieuwe maatregelen kunnen heropleven. Daarnaast zullen agitatoren en complotdenkers zich waarschijnlijk ook op andere maatschappelijke thema’s gaan richten waarin ze zich verzetten tegen de overheid. De oorlog in Oekraïne zou een dergelijk mobiliserend thema kunnen worden, hoewel het niet te verwachten is dat dit net zoveel mensen gaat mobiliseren als het protest tegen de COVID-19-maatregelen.

Deze tekst is onderdeel van DTN 56.