Dreigingsniveau op 3

Een terroristische aanslag is voorstelbaar, de dreiging komt vooral van eenlingen. Aanslagen in Europa zijn doorgaans provisorisch, worden gepleegd door eenlingen en kennen weinig slachtoffers. De jihadistische dreiging is geenszins verdwenen; het is aannemelijk dat kleinschalige aanslagen blijven plaatsvinden in Europa en Nederland.

Nederlandse jihadistische beweging

De directe geweldsdreiging die van de Nederlandse jihadistische beweging uitgaat, lijkt dit jaar enigszins afgenomen. De beweging is zowel sociaal als ideologisch gefragmenteerd en ontbeert charismatisch leiderschap, hiërarchie of een sterke structuur. De beweging voelt de druk van repressieve overheidsmaatregelen, hetgeen heeft geleid tot afgenomen motivatie om activiteiten te organiseren. Onder sommige Nederlandse jihadisten leeft nog altijd de intentie om in Nederland een aanslag te plegen, maar ze handelen daar momenteel niet naar. Waakzaamheid voor enkelingen uit de beweging blijft echter geboden. Op termijn kan de dreiging ook weer toenemen door bijvoorbeeld het vrijkomen van personen van een Terroristenafdeling (TA), terugkeerders of externe ontwikkelingen in binnen- en buitenland. De komende jaren zijn bepalend voor de jihadistische beweging: indien ze verder desintegreert kan dat leiden tot krimp en een minder ontvankelijke omgeving voor potentieel gevaarlijke jihadisten die uit gevangenschap terugkeren in de samenleving. Aanhoudende overheidsdruk kan dit proces bevorderen.

Aanslagen

Kleinschalige aanslagen en arrestaties in Europa tonen dat de jihadistische dreiging niet verdwenen is, maar de situatie is onvergelijkbaar met de periode 2014-2017, toen veel meer aanslagen plaatsvonden die bovendien soms grootschalig en complex waren. Het is opvallend dat ondanks het feit dat in de eerste helft van 2020 meer aanslagen plaatsvonden dan in heel 2019, het aantal dodelijke slachtoffers de helft lager is. Het huidige type aanslagen lijkt doorgaans provisorisch van aard te zijn. Het is aannemelijk dat dergelijke kleinschalige aanslagen, met beperkte impact, blijven plaatsvinden in Europa en Nederland.

Mondiaal jihadisme

In Syrië en Irak vertoont ISIS vergeleken met het vorige jaar verhoogde activiteit, hoewel de slagkracht van de groepering geenszins in de buurt komt van de hoogtijdagen van ‘het kalifaat’. De ‘verre provincies’ van ISIS blijven zich ook profileren. Zowel ISIS als al Qa’ida spelen vaak in op lokale en regionale omstandigheden, wat gepaard kan gaan met een strijd om invloed en gewelddadige conflicten tussen beide groeperingen. Zo richten de met al Qa’ida geaffilieerde jihadisten van JNIM in de Sahel zich grotendeels op de directe eigen, lokale belangen. Op termijn zouden de groeperingen nieuwe uitstraling kunnen hebben richting het Westen in de vorm van aanslagen of aantrekkingskracht, maar hier is momenteel geen sprake van.

Rechts-extremisme

De mogelijkheid dat een extreemrechts georiënteerde eenling in Nederland copycat gedrag vertoont naar aanleiding van een aanslag zoals in Christchurch (maart 2019), is voorstelbaar. Het Nederlandse extreemrechtse landschap is doorgaans niet-gewelddadig, marginaal, gefragmenteerd en ontbeert aansprekende leiders. Online is wel rechts-extremistische activiteit. Bovendien zijn er personen die vanuit rechts-extremistische, maar ook vanuit identitaire- en anti-overheidshoek, soms (online) dreigen met geweld. Dit is nog nergens concreet geworden.

Deze tekst is onderdeel van DTN 53.