Meest betrokken gemeenten ontvangen versterkingsgelden voor de aanpak van jihadisme

Meest betrokken gemeenten ontvangen versterkingsgelden voor de aanpak van jihadisme

Het kabinet staat voor een integrale aanpak van gewelddadig jihadisme. Het tegengaan van radicalisering is daarbij een belangrijk onderdeel. Gemeenten vervullen hierin een spilfunctie. De minister van Veiligheid en Justitie heeft, mede namens de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, deze week geld beschikbaar gesteld aan acht gemeenten om uitvoering te kunnen geven aan plannen voor de versterking van hun integrale aanpak.

Het gaat om Den Haag (€ 950.000), Amsterdam, (€ 920.000), Utrecht (€ 683.000), Rotterdam (€ 665.000), Delft (€ 535.000), Arnhem (€ 400.000), Zoetermeer (€ 167.000) en Huizen (€ 157.000). De bijdragen aan de gemeenten Gouda en Nijmegen worden nog vastgesteld. Met een aantal andere gemeenten zal komende maanden worden bepaald waar zij het beste ondersteund kunnen worden in hun aanpak.

De betrokken gemeenten hebben de afgelopen periode concrete plannen ingediend die hen in staat stellen om de aanpak te verstevigen en langdurig vol te houden. De investering wordt onder meer ingezet op kennisbevordering, vroegsignalering en daarop tijdig interveniëren, en waar nodig versterking van de persoonsgerichte aanpak. In het bijzonder wordt ingezet op de ondersteuning van eerstelijnswerkers werkzaam in deze gemeenten (jeugd- en buurtwerk, opvoed- en familieondersteuning, onderwijs) en het versterken van de positieve netwerken in de directe omgeving van radicaliserende personen.

Met de toekenning van de versterkingsgelden wordt uitvoering gegeven aan de aankondiging in de Kamerbrief ‘Versterking Veiligheidsketen’ van 27 februari jl.. Daarin werd aangekondigd dat er versterkingsgelden beschikbaar worden gesteld voor de aanpak van radicalisering/gewelddadig jihadisme ter ondersteuning van het Actieprogramma Integrale Aanpak Jihadisme. Een deel van de gelden is gereserveerd voor de integrale lokale aanpak van gemeenten, met nadruk op de versterking van de preventieve aanpak.